Nu wil niet iedereen evenveel risico nemen met z'n geld. De een zal zonder moeite een kleine waardedaling voor lief nemen, terwijl de ander er niet van kan slapen. Om te bepalen welke mogelijkheid het beste bij u past, heeft De Hypotheekshop een vragenlijst ontworpen die u hierbij behulpzaam kan zijn. Door de 10 onderstaande vragen in te vullen kunt u voor uzelf uw risicoprofiel bepalen. Maak uw keuze door het hokje voor uw antwoord aan te vinken. Als u alle vragen beantwoord heeft kunt u door op de knop '...BEREKEN RISICOPROFIEL...' te drukken het profiel bekijken wat het beste bij u past.

Uw Hypotheekshop-adviseur is u graag behulpzaam bij het invullen van onderstaand vragenlijstje.

1. Hoe vaak wilt u aandacht besteden aan het beheren van uw beleggingsportefeuille?
dagelijks
1 of enkele malen per week
1 of enkele malen per jaar
zo weinig mogelijk of nooit
2. Wat is de maximale waardedaling van uw totale beleggingsportefeuille waar u niet wakker van ligt?
mag absoluut niet in waarde dalen
maximaal 5% per jaar
normale beursfluctuaties
(vrij) hoog risico niet uitgesloten
3. Welk streven past het beste bij u als belegger?
maximale opbrengst en hoog risico
mooie opbrengst en gemiddeld risico
gemiddelde opbrengst en laag risico
lagere opbrengst en zeer laag risico
4. Wat is uw voornaamste doelstelling bij het beleggen?
hoog constant rendement (dividend)
combinatie van groei en rendement
groei op de wat langere termijn
koerswinnen op korte en lange termijn
5. Hoe denkt u over risicodragende beleggingen als aandelen en onroerend goed fondsen?
niet doen
niet meer dan beslist nodig
passen zeker in de beleggingsportefeuille
bijzonder kansrijk
6. Hoe hoger het gewenste rendement, hoe groter ook de kans op een negatief resultaat. Met welk netto rendement op uw beleggingen bent u tevreden?
in geen geval negatief
het inflatiepercentage
ongeveer 5%
als het kan dubbele cijfers
7. Hoe voelt u zich als een van uw beleggingen 5% in waarde daalt?
ik heb slapeloze nachten
't is jammer
ik lig er niet wakker van
het komt op termijn wel weer goed
8. Welk percentage van uw inkomen gaat niet op aan vaste lasten (zoals hypotheek, levensonderhoud, alimentatie, verzekeringen en dergelijke) en is dus "vrij"?
0 tot 5%
5 tot 15 %
15 tot 25%
meer dan 25%
9. Hoe lang bent u al belegger?
het is altijd al mijn hobby geweest
10 tot 20 jaar
3 tot 9 jaar
minder dan 3 jaar
10. Waarom kiest u voor beleggen?
om fiscale redenen
op advies van mijn adviseur
ik ben bereid om enig risico te nemen
ik hou wel van een gokje





De particuliere belegger staan normaal gesproken twee doelen voor ogen:
• het opbouwen en laten groeien van vermogen en
• het vermijden van risico's.


Ook is het van groot belang dat de inflatie - die de (opgebouwde) waarde van uw vermogen kan aantasten - door de gekozen beleggingsvorm buiten de deur wordt gehouden, waardoor er vooruitzicht is op een reële winst, door een combinatie van vermogensgroei en opbrengsten. Nu zijn er verschillende mogelijkheden om geld te beleggen, elk met eigen kansen op rendement en risico.




Het geld wegzetten op een deposito of spaarbankboekje biedt de zekerheid van behoud van ingelegd vermogen. Toch zijn deposito's niet vrij van risico's. De inflatie zal een deel van het vermogen "opeten" als de nettoopbrengsten niet minstens gelijke tred houden met de stijging van de kosten van het levensonderhoud. Ook als de inflatie nu laag, over een langere tijd gemeten kan die waardevermindering aanzienlijk zijn.





Bij een spaarhypotheek spaart u - in de vorm van een premie - gedurende de looptijd het bedrag bij elkaar dat u geleend heeft. Over uw spaartegoed krijgt u een rente die gelijk is aan de rente die u betaalt over het gekende bedrag. Feitelijk geldt bier hetzelfde als hij deposito's:

Weliswaar is de opbrengst zeker, maar door de inflatie kan de werkelijke waardevermeerdering wel eens tegenvallen.

Bovendien doet zich bij spaarhypotheken een vreemd en on-Nederlands verschijnsel voor. Als de hypotheekrente stijgt wordt de opbrengst over het spaartegoed groter - immers, u ontvangt ook een hogere rente over uw spaartegoed. Daardoor hoeft u minder premie te betalen om toch uiteindelijk op het bedrag uit te komen dat u geleend heeft. Met andere woorden: als de rente stijgt gaat men MINDER sparen en als de rente daalt juist MEER.





Obligaties kunnen zich traditioneel op een grote populariteit verheugen in Nederland. Ze geven niet alleen vaste opbrengsten maar - in het geval van Staatsobligaties - ook de zekerheld dat op de afloopdatum het opgebouwde vermogen wordt terugbetaald. Daarnaast bieden obligaties de - zij het wat beperkte - mogelijkheid om het vermogen te doen groeien.


Zo zal een obligatie die een hogere rente biedt dan het heersende niveau, een koersstijging laten zien. Echter is het omgekeerde ook waar: de koers zal dalen als de rente stijgt. Het is verder belangrijk om te weten dat het vermogensbehoud bij obligaties alleen gegarandeerd is als de obligaties worden aangehouden tot hun afloopdatum. De waarde van obligaties vóór de afloopdatum wordt bepaald door de marktsituatie.

Obligaties zijn doorgaans een slechte belegging als de inflatie en de rente de neiging hebben om te gaan stijgen. Tenslotte bieden obligaties niet de rendementskansen van bijvoorbeeld aandelen, terwijl bovendien VastRentende waarden nog risico's hebben, zoals bij een faillissement.




Het verleden heeft bewezen dat beleggen in aandelen het beste middel is voor het opbouwen van vermogen en vermogensgroei op langere termijn. De kansen op een hoog rendement zijn dan ook groot. Tegelijkertijd is echter de kans ook aanwezig dat een minder groot of zelfs negatief rendement wordt behaald.